Coalitieakkoord aangenomen, wethouders geinstalleerd
Wednesday, April 28th, 2010
In de bijzondere raadsvergadering gisterenavond is het coalitieakkoord aangeboden aan de burgemeester. Alle partijen mochten er hun zegje over doen. Zoals verwacht (en op zich ook logisch) tekenden zich hier de eerste onenigheden tussen oppositie en coalitie af. Waar de coalitiepartijen (zoals het hoort) natuurlijk voor het coalitieakkoord waren en allemaal aangaven waarom dat vanuit hun invalshoek zo’n goed stuk was, hekelden de oppositiepartijen het stuk omdat het in hun ogen te vaag is, nog geen keuzes gemaakt worden en er zorg is vanwege de financiele ontwikkelingen.
Speerpunten
Namens mijn fractie heb ik stilgestaan bij de 3 speerpunten uit ons verkiezingsprogramma: participatie van kwetsbare groepen, duurzaamheid/milieu en burgerparticipatie. Alle punten herkennen wij terug in het coalitieprogramma. In het akkoord worden kwetsbare mensen ontzien. We gaan op armoedebeleid en WMO wel kijken of we dingen beter kunnen organiseren, maar als het nodig is leggen we er geld bij. Van duurzaamheid constateren we dat dat goed benoemd staat, maar dat er nog geen financiering voor is. De komende jaren zal de GroenLinks fractie zich hard maken om deze afspraken tot uitvoering te brengen. Al onze voorstellen over burgerparticipatie die wij in ons programma hadden opgenomen, zijn overgenomen. Sterker nog, de veranderende rol van de overheid en de burgers is de basisfilosofie van het document. Verder heb ik stilgestaan bij de keuze om een hoofdlijnenakkoord te maken: Doordat er geen zicht is op de rijksontwikkelingen, en we ook weinig inzichten hebben in de mogelijkheden binnen onze eigen organisatie, kunnen wij nu nog niet goed onderbouwd aangeven waar we kunnen bezuinigen. We kunnen met de huidige informatie de effecten van voorstellen niet beoordelen. Het is dan ook weinig zinvol om nu al bedragen te noemen, als we niet eens weten of het haalbaar is. De echte keuzes worden straks in de gemeenteraad gemaakt. En daar zal niet alleen de coalitie, maar de gehele gemeenteraad haar verantwoordelijkheid moeten nemen. De coalitiepartijen hebben in het akkoord in ieder geval aangegeven welke richtingen zij daarvoor zien.
Hoogtepunt van de avond was de bijdrage van SP fractievoorzitter Ans Heesterbeek. Ans bood alle fractievoorzitters een “frispaarse” aubergine aan, met een toefje groen. De oproep van de SP aan de coalitiepartijen was dat we vooral moesten oppassen dat het toefje groen niet in de prullenbak zou gaan verdwijnen. Die uitdaging neem ik graag aan!
Wethouders van buiten
Het inhoudelijke deel was echter niet het meest spannend gisterenavond. Het belangrijkste punt in de discussie was toch wel de 3 wethouders “van buiten”. De afgelopen dagen stonden de kranten er ook al vol van. Wat moet je nou met een wethouder die nog niet eens weet waar de Jan van Eijkgracht is? Volgens de oppositie is het een teken van armoede dat de coalitie 3 wethouders van buiten Eindhoven aandraagt. En dan nog wethouders die hun gewone huis aanhouden, en er in Eindhoven een flatje bijnemen, dat kan toch niet goed zijn voor de betrokkenheid.
Ik wordt toch wel een beetje verontwaardigd van deze reacties. Ik vind het erg kortzichtig dat de woonplaats het belangrijkste criterium zou moeten zijn bij de keuze van wethouders, laat staan dat het type woning doorslaggevend is voor hoe serieus men bereid is om zich te verdiepen in de stad. In een duaal stelsel is de Raad degene die de kaders bepaald waarbinnen de wethouders moeten gaan uitvoeren. De wortels van Eindhoven moeten mijns inziens in de eerste plaats verankerd zijn in de raad. Bovendien heeft een van de partijen met de meeste kritiek, het CDA, zelf in het verleden ook wethouders van buiten de gemeente aangetrokken. Iets met potten en ketels? Marco van Dorst (fractievoorzitter van D66) formuleerde het mooi gisteren: “Eindhoven heeft altijd de invloeden van buiten gehad, die sporen zijn in onze hele stad terug te vinden, en hebben onze stad grootgemaakt. Laten we ook op bestuurlijk niveau die positieve kant van mensen van buiten waarderen”.
GroenLinks komt ook met een wethouder van buiten. Wij hebben onze keuze gemaakt na een zorgvuldige procedure. Wij hebben een competentieprofiel opgesteld, en deze zowel intern als extern verspreid. De gezochte competenties waren: inhoudelijke kennis van de portefeuille, politiek/bestuurlijke ervaring, communicatieve vaardigheden, vermogen om te binden, en het GroenLinks standpunt in de breedte kunnen vertegenwoordigen in het college.
Dit heeft ons een ruime keuze van geschikte kandidaten opgeleverd, zowel uit eigen gelederen als uit andere delen van Nederland. Kandidaten met verschillende achtergronden en ervaring, geschikt voor verschillende portefeuilles. Bij onze uiteindelijke keuze hebben wij laten meewegen dat er een stevige opdracht ligt voor de beleidsterreinen in onze portefeuille. De komende jaren zal er kritisch gekeken moeten worden naar de uitvoering van ons welzijns/wmo beleid. Dat vraagt in onze ogen iemand met visie en daadkracht. Wij vinden dit aantoonbaar terug bij Lenie Scholten, onze kandidaat. Lenie heeft 8 jaar wethouderservaring in Nijmegen. Zij heeft daar oa de portefeuilles wmo/welzijn, jeugd, integratie, sociale en economische zaken en integratie gehad. Daarom is onze uiteindelijke keuze op Lenie gevallen. En Lenie is inmiddels al druk op zoek naar een woning in Eindhoven. En het maakt mij niet uit of ze in een flatje of een villa gaat wonen, of wat ze precies op welke plek in haar vrije tijd gaat doen.
Wethouder een roeping of een beroep?
De laatste jaren zie je langzaam het fenomeen opkomen van ‘beroepswethouders’. Is dat verkeerd? Als ik de geluiden van gisteren hoor, lijkt het haast van wel. Ik ben het daar niet mee eens. Wethouder is een bijzonder beroep, een beroep inderdaad dat niet ophoudt om 17.00 uur. Een beroep waarbij je opereert op het snijvlak van politieke, maatschappelijke en individuele belangen. Waarbij je altijd in de schijnwerpers staat, en je je altijd moet verantwoorden. Een erg zwaar beroep, dat kunnen we gerust stellen. Om zo’n beroep goed uit te kunnen oefenen, moet het inderdaad wel een roeping voor je zijn. Maar dat alleen is niet genoeg. Je hebt daarnaast ook een hoop vaardigheden en competenties nodig om het wethoudersschap goed uit te kunnen oefenen. En het is de verantwoordelijkheid van politieke partijen om zowel raadsleden als wethouderskandidaten daar goed op te toetsen. De stad wordt er immers alleen beter van als we kwalitatief goede bestuurders hebben). Met alleen betrokkenheid kom je er dan niet. Ook al weet je waar de Jan van Eijkgracht ligt.

